Waar komt die vonk vandaan, degene die het lichaam plotseling in beweging gooit? Armin Hokmi graaft hier sinds Shiraz in, en nu loopt het door Bazm (Repertoire), zijn stuk voor elf dansers. Waar je een herinnering zou verwachten, kiest hij de tegenovergestelde weg: geen gebaren opgegraven uit het verleden, geen gearchiveerde herinneringen tot leven gewekt. Wat hem aantrekt is het moment net ervoor — die innerlijke drang die al vraagt om te dansen, terwijl nog niets vorm heeft aangenomen of in taal is omgezet. Uit deze uitgangspuls, soms ingehouden, soms overlopend en intens fysiek, ontstaat een soort trucrepertoire: hij pikt manieren van dansen op die lang aan de rand gehouden zijn en kipt ze plotseling over in "Bazm," vrij om waar ze willen heen te gaan.
Het woord zegt in het Perzisch precies dat: een gebeurtenis die van koers raakt, afdrijvend van wat het had moeten zijn. In plaats van het gebaar vast te leggen probeert Hokmi het dus af te zetten. Voortbouwend op de ritmes en vormen die hij in zijn recent onderzoek heeft verkend, weeft hij frisse passages tussen wat al is gedanst en wat nog zou kunnen worden. Het resultaat: een lichaam dat tegelijk instrument en volkomen vrij is, zijn energie voortkomend uit het hart en stap voor stap de grenzen van het mogelijke terugduwend.